(Digi)Taalhuis Wageningen

Het (Digi)Taalhuis is voor iedereen in Wageningen die beter wil leren lezen of schrijven. Of beter wil leren rekenen. Of digitaal vaardig wil worden. Kom naar het spreekuur om te bespreken wat u leren wilt en wat daarvoor nodig is. Ons adres is Stationsstraat 2, in de bblthk.

Nieuws

Taalkaravaan Wageningen

De Taalkaravaan zal in 2018 door Wageningen trekken om op creatieve, inspirerende en motiverende wijze een belangrijke bijdrage te leveren aan het herkennen en bespreekbaar maken van laaggeletterdheid.

Eén op de negen volwassen Nederlanders is laaggeletterd. Wageningen vormt daarop geen uitzondering. Geletterd zijn, is van grote betekenis voor het zelfstandig kunnen functioneren in onze maatschappij. Het gaat om medicijn-instructie kunnen lezen, om toegang tot informatie, om zelfvertrouwen, om kunnen groeien in je (vrijwilligers)werk, om je huishoudgeld te kunnen budgetteren, om brieven en formulieren te kunnen lezen, om digitaal vaardig te zijn, om je kind te kunnen bijstaan, en om nog veel en veel meer.

Het (Digi)Taalhuis Wageningen is gevraagd om de regie te nemen en invulling te geven aan dit plan. We houden u op de hoogte via onze website:

Tip van de maand

Eenvoudige uitleg over DigiD door Steffie. Zij leest voor wat je doen moet.

Ook kun je oefenen met de aanvraag zo vaak je wilt.

 

Vrijwilligers in beeld

Zodra kinderen leren lezen gaat er een wereld voor ze open

Jet Haverkamp (71) heeft een volle agenda. Want behalve vrijwilliger voor het Digitaalhuis Wageningen, helpt ze bijvoorbeeld op een zorgboerderij en zet ze zich in voor Home-start, een organisatie die ouders helpt bij de opvoeding.

Ze heeft jarenlang in het onderwijs gewerkt. “Ik begon als kleuterleidster, tot we trouwden in 1970 en we naar Wageningen kwamen.” Haar werk stopte toen, maar later begon het toch weer te kriebelen. Ze werd invalkracht. “Ik heb ongeveer alle groepen in het lager onderwijs gehad. En uiteindelijk kreeg ik een vaste benoeming in groep 3 en 4. Dat zijn kinderen van een jaar of zes. Zodra zij leren lezen gaat er een wereld voor ze open.”

Het Digitaalhuis is dan een logische stap. “Taalontwikkeling heeft me altijd geboeid”, zegt ze. “Ik wil graag iets betekenen voor laaggeletterden. Als je dan ziet dat ze vooruitgang tonen, ben ik tevreden.” Ook andere vrijwilligers van het Digitaalhuis willen laaggeletterden graag helpen met beter leren lezen en schrijven. Dat zou hun kansen en mogelijkheden flink kunnen verbeteren, maar voor veel van deze mensen blijkt de drempel hoog. “Stap gewoon eens binnen”, zou Jet Haverkamp hen willen aanmoedigen, “en kom naar het spreekuur op de eerste verdieping van de bblthk.”

Ze is kortgeleden wel gestart met een vrouw die in de Verenigde Staten is opgegroeid, en zich nu in Nederland wil vestigen. “Ik vind dat ze keurig Nederlands praat, maar ze wil ook goed leren schrijven. Goede zinnen maken. Ze is heel gemotiveerd. In het begin is het even zoeken naar de beste aanpak. Ik heb haar gevraagd of ze zelf een tekst of een artikel wilde meenemen en dat hebben we toen besproken. Daar leer je ook zelf weer van.”

 

‘Voorkomen dat je geïsoleerd raakt’

Herman Thunnissen (65) is vrijwilliger voor het spreekuur. Ongeveer eens in de drie weken zit hij aan de Digitaalhuistafel op de eerste verdieping van de bblthk. Daar beantwoordt hij vragen van mensen die willen weten hoe het taalhuis werkt. Dat zijn vooral mensen die zich graag willen ontwikkelen in lezen, schrijven of spreken van Nederlands en soms in digitale vaardigheden.

Taal heeft altijd wel zijn belangstelling gehad, zegt hij, “maar eigenlijk ben ik helemaal geen talenmens.” Hij denkt niet dat hij gemakkelijk vreemde talen leert. Hij leest wel graag en houdt van argumenteren en discussiëren. “Als je goed met taal bent, kun je beter je standpunt verdedigen. Dan luister je waarschijnlijk ook beter naar anderen. Dan verval je niet in geroep en geschreeuw. En dan kun je tot elkaar komen in een goed gesprek.”

Herman studeerde cultuurtechniek, werkte 25 jaar in landbouwkundig onderzoek op het gebied van bodem, water en atmosfeer en heeft negen jaar onderwijs gegeven. “Ik was docent op het technasium in Ede. Dat is een speciale havo-vwo-school met veel aandacht voor onderzoek en ontwerpen. Dat vak gaf ik daar ook.”

Nu is hij behalve vrijwilliger bij het Digitaalhuis taaldocent bij ROC A12 voor migranten die beter Nederlands willen leren en hij is ‘taalmaatje’ bij het Gilde. “Heel leuk! Je ziet ook echt resultaat.” Taalmaatje houdt in dat je een jaar lang wekelijks met iemand praat over van alles en nog wat. “Ik heb nu in mijn tweede jaar mijn tweede taalmaatje.”

Zijn drijfveer voor zijn inzet voor het Digitaalhuis is vergelijkbaar met de motivatie voor taaldocent en taalmaatje. “Ik kan mensen iets aanreiken zodat ze beter kunnen integreren in de Nederlandse samenleving. Dat is toch heel belangrijk om te voorkomen dat je geïsoleerd raakt.”

 

 

 

 

(Digi)Taalhuis Wageningen in het nieuws